Tegenstellingen….

Tegenstellingen….

Onlangs schreef ik over hoe het letterlijk vormgeven met je handen, fysiek bezig zijn, ongemerkt zo’n fijne reflectie kan zijn.
Over hoe ook ik regelmatig tegen zaken aanloop. Er een aantal uitdagingen samenkwamen, die me even onderuit leken te halen, om me erna weer helemaal in mijn element te voelen. Hoe verrassend en tegenstellend qua gevoel.

M.a.w. hoe die uitdagingen weer ergens goed voor waren.

 

Hoe de chaos voor verandering en transformatie zorgde. Waar een wil is, is tenslotte een weg! En hoe minder we willen (sturen), hoe makkelijker het vaak gaat.

 

Zo werd weer zichtbaar hoe tegenstellingen elkaar aanvulden.
In de vraag zit tenslotte het antwoord gevangen.
Zonder licht geen duisternis, zonder verdriet geen blijdschap.
Het is de kunst van hoe ernaar te kijken.
Hoe yin en yang elkaar aanvullen en in balans houden.
Wat mooi is het toch om telkens weer te zien hoe het een niet zonder het ander kan.

En door daar de afgelopen weken bewust mee bezig te zijn geweest; in rust met een boekje in de zon & ook lekker fysiek met een drilboor in de handen; de stilte van binnen & adrenaline van buiten; voelen en laten zijn, vielen zo weer wat dingen op hun plek.

En wat mooi is om dit ook te zien bij cliënten, de mensen die ik begeleid of zomaar tegenkom.
Daarbij maakt het niet uit of het de kinderen of de ouders zijn.
Ook dat is een aanvulling op elkaar, een balans van geven en ontvangen, van kijken, spiegelen en anders durven doen. Er is een verschil tussen wat we willen, wat we bedenken; “zoals het hoort” en dat wat er daadwerkelijk is en mag ontstaan. Door te zien wat er daadwerkelijk gezegd, gevoeld geleerd wil worden, kun je anders reageren.

En daarbij zijn deze tegenstellingen juist de mooiste werkpunten. Daar liggen de verrassingen, de uitdagingen en de kansen tot ontwikkeling.
Vaak/soms lastig, maar ook o zo mooi.

Langs het ravijn groeien vaak de mooiste bloemen.

Een voorbeeld van anders kijken in de opvoeding..
“Een moeder wil graag dat haar kind groeit, sterker wordt, leert en ontwikkelt en zich veilig voelt. Een heleboel, dus ze vraagt om hulp. In de dagelijkse opvoeding loopt ze tegen tal van zaken aan. Het kind is onrustig, hij wil bewegen, maar moet ook zijn huiswerk maken. ‘Eerst dit, dan…’ Op de vraag van haar jongste om eerst buiten te spelen en dan te leren, zegt ze nee. “Ik heb nu geen tijd om met je mee te gaan. Morgen misschien.” Ze geeft een haastige knuffel, omarmt, leidt af en zegt dat hij rustig moet gaan werken, om daarna te kunnen spelen.

Hij begrijpt het niet, zijn lijf wil bewegen. Het lukt niet om stil te zitten. Hij wil spelen, ontdekken, groeien, ontladen. Hij heeft de oplossing: het kind wil alléén naar buiten gaan! Dus hij zegt; “ik ga wel alleen”; maar dat vindt moeder niet goed. Het kind is boos dat dit niet mag. Hij zeurt en vraagt nog eens. Maar het antwoord blijft nee.
Dan ontstaat er “moeilijker gedrag”; dwars, boos, schreeuwen, schoppen, slaan. “Zie je wel zegt moeder: je kunt niet alleen naar buiten. Als je zo doorgaat blijf je morgen ook nog maar fijn binnen!” Resultaat: het kind wordt nog bozer” Moeder en zoon staan nu tegen over elkaar, terwijl ze eigenlijk hetzelfde willen, gebeurt het tegenovergestelde. Moeder worstelt: “waarom luistert hij niet gewoon?” Kind denkt: “waarom luistert ze niet?”

Als je anders kijkt en luistert, van een afstand, door de regels heen luistert, kun je beter horen wat zowel de moeder als het kind willen. Dan ontstaan er begrip, inzicht en daarmee werkpunten voor beiden.
Het hele verhaal nog een keer:
“Een moeder die graag wil dat haar kind groeit, sterker wordt, leert en ontwikkelt tot een evenwichtig en rustig persoon. Zij, die uit angst voor mogelijke fouten, voor ongelukken, de reacties van de buitenwereld (op hem, maar ook op haar als moeder) hem wil behoeden, ze vindt het lastig om hem los te laten. Ook “moet” ze nog een aantal zaken eerst doen, (zo hoort dat toch) en ze is moe van haar werk. Dus is haar antwoord ‘nee’ en zo houdt ze haar jongste binnen.
Op zijn vraag alleen te gaan, worden haar overtuigingen alleen maar groter. Dit kan hij nog niet, wat denken de mensen wel, stel dat het fout gaat, ik ben verantwoordelijk. Ze laat hem niet alleen gaan, hij mag alleen onder controle van haar gaan. Dus ze klemt hem vast, omarmt, leidt af en “houdt hem klein”. Maar ze spreekt niet haar reden uit.
Hij begrijpt het niet, hij wil alleen maar spelen, ontdekken, groeien (zich ontwikkelen tot een evenwichtiger persoon…).
Hij roept eigenlijk met heel zijn lijf: “geef me vertrouwen?!” Maar niet met woorden. Nee, die heeft hij nog niet op voorraad. Dus reageert hij met gedrag. Hij voelt ondertussen van alles; teleurstelling, boosheid, maar ook haar twijfel, haar pijn, en het verdriet, en haar onuitgesproken woorden. Hij herhaalt (zeurt) en vraagt nog eens. Maar het antwoord blijft nee. Hij voelt een stuk onveiligheid, er worden dingen achter gehouden. Dit gaat tenslotte niet alleen over hem ( dit is een intern weten van het kind)

Dan ontstaat er “moeilijker gedrag”; dwars, boos, schreeuwen, schoppen, slaan…
Hij wil zo graag een kans. I.p.v. dat moeder ziet wat zijn daadwerkelijke vraag is, bevestigt dit gedrag enkel haar angst van mislukken (en dan voelt zij zich geen goeie moeder). “Zie je wel”, zegt moeder: “je kunt niet alleen naar buiten, als je zo doorgaat blijf je morgen ook nog maar fijn binnen.” Bang, boem… resultaat: het kind wordt nog bozer…
Hij voelt zich gevangen, niet gezien, niet gehoord, hij worstelt…en voelt zich onveilig en onbegrepen.

Moeder en zoon staan tegen over elkaar.. terwijl ze eigenlijk hetzelfde willen, gebeurt het tegenovergestelde.

 

Als je naar de werkpunten in dit stukje kijkt, zie je natuurlijk dat het kind die heeft. Het kind mag leren, maar dat hoort bij zijn leeftijd. Door hem vertrouwen te geven en ruimte om te oefenen, kan hij leren. Fouten maken, met vallen en opstaan leren, hoort daarbij. Hij heeft naar oplossingen gezocht en die worden niet gewaardeerd, niet besproken, niet gezien.
De grootste uitdaging is hier voor moederzelf: kan zij zien wat ze zelf doet? Wat zij nodig heeft, wat haar wensen en behoeften zijn? Kan zij voor zichzelf erkennen dat zij vast zit in haar patronen en overtuigingen? Haar beeld van een goeie moeder, komt hierbij aan de orde.
Een genogram, een familieverhaal maken, kan licht werpen op hoe dit ontstaan is. Wat is belangrijk? Welk verhaal wil verteld worden? Welke rol heeft zij, wat drijft haar? Moeder in haar gezin? Hoe reageerden haar ouders? Hoe mocht zij opgroeien en ontwikkelen? Welke angsten en wensen en behoeften heeft deze moeder? Van daaruit kan ze kijken naar haar zoon. Hoe kan ze hem vertrouwen geven? Welke stappen kan ze zetten, welke afspraken kunnen gemaakt worden met het kind en zichzelf.

Ook in deze situatie van tegenstelling liggen de antwoorden opgesloten.

 

Dit is zomaar een voorbeeld van een situatie die we allemaal als opvoeders meemaken.. hoe klein of groot hij ook is. Het gaat niet over goed of fout. Nee, het gaat om anders luisteren en kijken. Kijken naar wat er mogelijk is, wat zich wil aandienen, zonder een oplossing te forceren. Zo kom je tot een ander verhaal, een ander licht. Dan blijk je niet tegenover elkaar te staan, maar ligt er een uitnodiging. Dat is een heel ander vertrekpunt!

Deze moeder is al een hele tijd op weg… en hobbels zullen er blijven, maar de reis heeft een ander perspectief gekregen.

Wil jij ook onderzoeken welke thema’s er spelen, welke onderliggende vragen er aan het gedrag van je kind ten grondslag liggen?
Welke (ogenschijnlijke) tegenstellingen zichtbaar zijn?
Wil jij moeilijk/ander gedrag tot een kans gaan zien? Voor jou en je kind(eren)?
Neem vandaag nog de eerste stap.

Stel je vraag en neem gerust contact op.
Dan brengen we samen licht in het donker.
Rust in de chaos, kleur in de grijste of welke tegenstelling er ook mag zijn.

 

warme groet Petra

 

 


Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *